Morris Dansen
In Engeland zijn de Morris Dancers niet weinig fier te kunnen zeggen dat hun dansen heel wat ouder zijn dan cricket en de meeste andere sporten. Voor hen is morris dancing een deel van het leven zoals die sporttakken maar dan met het grote verschil – gelukkig maar – dat de dansers geen professionelen zijn.
De oorsprong van de dans is ongetwijfeld heidens. Hij hangt samen met bepaalde seizoensgebruiken en vruchtbaarheidsritten. Door het slaan met bepaalde stokken, wuiven met zakdoeken, rinkelen met belletjes, wilde men boze geesten verdrijven. Daarnaast beoogde men door krachtig stampen als het ware de vruchtbaarheid uit de grond te stampen.
Op dit ogenblik bestaat de morristraditie nog enkel in Engeland. Ongeveer de helft van de bestaande groepen zijn lid van de “Morris Ring”, een organisatie die zich het beschermen van de tradities tot doel stelt.
In morris Dancing onderscheidt men verschillende soorten :
- De “Cotswold Morris” waarbij de groep dansers is samengesteld uit 6 man, muzikant en ‘fool’. Het begeleidende muziekinstrument is viool, concertina of accordeon. Typisch voor de optredens is de collectebus waarin toeschouwers een geldstuk stoppen volgens hun waardering voor de dansers. Muziek, stapppen en dansen verschillen van streek tot streek en tot deze groep behoren ook dansen met dolken, stokkendansen en ‘jigs’ voor solo-dansers. De meest typische dans in de reeks is wel de ‘Abbots Bromley Horn Dance’ waarbij een rendiergewei in de hand gehouden wordt. Deze dans wordt jaarlijks in september voorgesteld en traditioneel worden de geweien tussendoor in de kerk bewaard.
- De ‘Derbyschire Morris’ met sets die uit 16 dansers kunnen bestaan terwijl de dansvorm aanleunt bij de reel en country-dansen. Oorspronkelijk dragen de dansers geen belletjes.
- De ‘Lancashire en Cheshire Morris’ stamt uit de industriële centra en kende zijn sterkste verspreiding rond het midden van de 19de eeuw. Deze soort kent veel gelijkenis met de ‘Derbyshire’ maar met het accent op ‘stepping’ dat nog verhoogd wordt door het speciale schoeisel: ‘clogs’. De kledij van de dansers is in tegenstelling tot andere zeer kleurrijk. De meest typische dans is de ‘Mossly’, gedanst met minstens 9 man. Eén van hen is de leider die niet zo zeer meedanst maar wel de te dansen figuren roept en verandering van figuur aangeeft met een fluitje. Naast de concertinas worden deze dansen muzikaal begeleid door een grote trom.
Tenslotte zijn ook de ‘Zwaarddansen’ een vorm van morrisdansen.
Hier kent men twee soorten:
- Met lange zwaarden, gebracht door 6 of 8 dansers;
- Met korte zwaarden – zeer buigzaam en met twee handgrepen – gebracht door 5 man: de ‘Rapper Dance’.
Resten van morrisdans vindt men ook bij ons. De kledij en de trippelpas van de ‘Gilles de Binche’ wijzen bepaald op een vorm van morristraditie .

