Wat is vendelen, waarom vendelen?

[:nl]Het vendelzwaaien is een eeuwenoude West-Europese traditie. Ontstaan in de (huurlingen-) legers van de 15e eeuw waar grote vlaggen dienden om vriend van vijand te onderscheiden op de door buskruit berookte slagvelden. In Vlaanderen en Nederland werd het gebruik om sierlijke en acrobatische figuren te zwaaien overgenomen en bewaard door de gilden en schutterijen. Maar ook in Italië, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk bleven typische vlaggen in gebruik.

Het vendelzwaaien is tijdens volksfeesten en optochten steeds een sympathiek en hartelijk toegejuicht vertoon. Het is een vertoon van kracht, souplesse, fierheid en behendigheid van de vendelier. Deze “alferis“ brengt een sierlijk en kleurrijk vendelspel. Vooral met het synchroon korpsvendelen scoort Boerke Naas in binnen- en buitenland. De groep tekende sinds 1949 voor een aantal eigen gecreëerde vendelreeksen. Begin jaren zeventig introduceerden de vendeliers van Boerke Naas de indrukwekkende ‘breekworp’ in de Vlaamse vendeltraditie.

Boerke Naas stond ook aan de wieg van het Europese Vendeltreffen. Elke twee jaar ontmoeten vendeliers uit heel Europa elkaar tijdens het Pinksterweekeinde. Het eerste vendeltreffen had in 1981 plaats in Sint-Niklaas.  

Eigen gecreëerde reeksen

  • De Molen
  • De Rotelinge
  • De Polidor

Traditionele reeksen

  • Vendelgroet van Leefdaal
  • De Brechtse Reeks
  • Stoetvendelen

Vaandels zeggen ons

Hoe enig mooi is ’t vlaggenspel, Sierlijk kunstig, traag en snel. Bruisend leven, uiting van kracht, Zwaaien met vaandels, wat een pracht !

Laag over de grond, hoog in de lucht, Spelend, volhardend, vrij en tucht. Dynamisch, zelfverzekerd, heen en weer, Brengen vaandels vreugde, telkens weer.

Lenig ritme, kleurenpracht, Victorie zaaien, dag en nacht. Festijn van vreugde, feestelijk getint, ’t zijn vaandels, ’t zijn vaandel m’n kind !

Sober spel, geen rijkelijke tooi, Levendig, warm menselijk, dat is mooi. Geest en stof, een vriendenspel, ’t zijn vaandels, U begrijpt het wel.

Onderstaande tekst komt uit het lied Joost van Zootje uit Blitterswijck

[:]